Spaanse zinnen en woorden

Spaanse zinnen en woorden. Vorige week kregen jullie van mij al tips om (beter) Spaans te leren. Deze week help ik jullie op weg met wat basis zinnen en woorden die handig zijn voor op vakantie. Of in een simpel gesprek.

Spaanse zinnen en woorden


Spaanse zinnen en woorden

Spaanse zinnen en woorden. We denken vaak dat Spaans zo’n moeilijke taal is. Maar eigenlijk valt dat hartstikke mee! Veel woorden zijn wel te herkennen doordat ze op het Engels, of soms zelfs op het Nederlands lijken.

Het is natuurlijk altijd fijn als je weet hoe je dingen moet zeggen of vragen in de taal van het land waar je op vakantie bent. Dus daarom deel ik vandaag wat dingen met jullie. Wat handig is om te weten; de ‘H’ schrijf je wel in het Spaans, maar je spreekt hem niet uit. Je zegt dus geen Hola, maar Ola. Maar schrijf vooral geen Ola. Want ook in Spanje is Ola gewoon een ijs merk. Dus dat staat een beetje raar.
Verder wordt de ‘j’ uitgesproken als een ‘g’. En een dubbele ‘ll’ wordt uitgesproken als een ‘j’. En zie je een kringeltje op de ‘ñ’ staan, dan spreek je dat uit als ‘nj’.

Woorden

Bij deze wat losse woorden die je vaak gebruikt in het Spaans.

Hola – Hallo
Helado – Ijsje
Adios of Ciao – Doei of Tot ziens (ze zeggen ook vaak gewoon Ciao)
Hasta Luego – Tot later
Guapa (v) of Guapo (m) – Knapperd
Buenos días – Goedemorgen
Buenos tardes – goedemiddag
Buenas noches – Goedenacht of Goedenavond
Con – Met
Sin – Zonder
Por Favor – Alsjeblieft
Gracias – Dankjewel
De nada – Graag gedaan
Camarera (v) of Camarero (m) – Ober
Señorita (v) of Señor (m) – Mevrouw of Meneer
Muy bien – Heel goed
Y tu? – en jij?
Por qué? – Waarom?
Qué? – Wat?
Cumpleños – Verjaardag
Cuanto? – Hoeveel?

Zinnen

En hieronder wat eenvoudige zinnen die je vaak gebruikt op vakantie of in een simpel gesprek.

Como estas? – Hoe gaat het?
Todo bien? – Alles goed?
Sin hielo por favor – Zonder ijsblokjes alsjeblieft
La cuenta por favor – de rekening alstublieft
Que hora es? – Hoe laat is het?
A las cuatro – 4 uur
Cuatro y cuarto – kwart over 4 (ze zeggen eigenlijk: 4 uur en een kwartier)
Cuatro y medio – half 5 (ze zeggen eigenlijk: het is 4 uur en een half)
Cinco menos cuarto – kwart voor 5 (nu zeggen ze: 5 uur min een kwartier)
Buen fin de semana – Fijn weekend
Cuanto Cuesta? – Hoeveel kost het?
A la playa por favor – Naar het strand alstublieft
No habla Español – Ik spreek geen Spaans

Getallen 1 t/m 10

Ook de getallen zijn wel handig om te weten in het Spaans.

Uno – Een
Dos – Twee
Tres – Drie
Cuatro – Vier
Cinco – Vijf
Seis – Zes
Siete – Zeven
Ocho – Acht
Nueve – Negen
Diez – Tien

Naar wat voor woorden/ zinnen zoeken jullie altijd op vakantie, die je niet weet?

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *